Marten Buschman

Een zelfgefinancierde herdenkingsbank

Op 12 april 1928 onthulde Jan Oudegeest, strijdmakker, dit monument voor Henri van Kol in aanwezigheid van de familie, de zoon Ferdi (vernoemd naar de grote voorganger Ferdinand Domela Nieuwenhuis) en dochter Lily Schaank-van Kol geflankeerd door haar man E. Schaank. Nellie van Kol schitterde door afwezigheid.
Op de Henri Van Kol Bank op een heuveltje bij het Troelstra Oord te Beekbergen stond de tekst: AAN DE NAGEDACHTENIS VAN H. H. VAN KOL GEBOREN 23 MEI 1852 OVERLEDEN 21 AUGUSTUS 1925.

Die dag vond de officiële plechtigheid plaats, waar mooie woorden gesproken werden door diezelfde Oudegeest, een stuk jonger en even ver op de rechtervleugel van de partij behorend als Van Kol en oud-voorzitter van SDAP en NVV,  en door L. van der Wal, de voorzitter van het NVV. Oudegeest gaf namens de partij de bank aan de vakcentrale, de beheerder van het complex Troelstra Oord.

Foto uit Het Volksdagblad van 14 april 1932

Oudegeest refereerde in zijn toespraak aan het feit dat Van Kol al actief was toen hijzelf nog ‘in de windsels’ lag, in 1870 de Communards van Parijs wilde versterken en tot op het laatste actief was in de strijd voor de onderdrukte volkeren: een lange strijd voor de ‘verheven idee’. Van het socialisme waarschijnlijk, maar dat zei hij er niet bij.

Zijn laatste daad, aldus Oudegeest, was de gave van een rustbank voor de vele studenten in het Troelstraoord. De bank in stenen optrek was dan ook voorzien van zitplaatsen met teakhout. Dat hout was afkomstig van Nederlands-Indië, ‘van het land dat in Van Kol zoo’n krachtig verdediger vond’, aldus de verslaggever.  Ook Van der Wal sprak zich uit ‘dat deze bank ertoe moge bijdragen dat tot in de verre toekomst ook hier de namen van deze mannen (bedoeld zijn Troelstra en Van Kol, mb) tezamen gevoegd zullen worden en getuigen zullen van de groote daden der arbeidersklasse.’

Vanaf links H. Wiardi Beckman, mevr. Troelstra en drie onbekenden.

Twee dagen later werd de bank ook echt ingewijd, hoewel informeel, doordat de familie Troelstra daarop plaats nam en zich liet fotograferen met een student van het Troelstra-Oord. Althans dat nemen we aan: de liggende wat jolige figuur lijkt naar huidige inzichten misschien niet op een student, maar hij is gekleed volgens de laatste AJC-mode. Op de bank kunnen we de vrouw van Troelstra zien zitten, links naast haar Stuuf Wiardi Beckman en rechts twee onbekenden of Dieuwke Troelstra met haar man Paul Bay. Troelstra zelf was te zwak om aan te schuiven. Op deze foto zien we ook waar de tekst staat: op de rand van de bank.

Organisatie van de eigen herinnering
Oudegeest noemt de bank een laatste daad van Van Kol. Het is een wat omfloerst gebruik van taal en ook wat verhullend. Want Henri van Kol heeft zijn eigen teken van herinnering gefinancierd! Dat is wat vreemd: zelf zorgen dat je herdacht wordt. En des te vreemder is het dat Van Kol in zijn publicaties er eigenlijk vanuit ging dat in de toekomstige socialistische maatschappij de voortrekkers en dus hijzelf herdacht zouden worden, zoals hij in het volgende citaat uit Christendom en Socialisme (pp. 100-101) schrijft:
"We zijn in de volgende eeuw; het is avond, en de laatste stralen der zon bestralen een gelukkig huisgezin. Een man, in de kracht des levens, komt thuis van de gemeenschappelijke werkplaats; hij heeft zijn plicht gedaan en wischt van zijn voorhoofd het heilige zweet van den arbeid. Hij zet zich neder op zijn rustbank, omringd van zijne familie, en verhaalt aan vrouw en kinderen van vervlogen tijden, toen de meerderheid der menschen voor een schamel stukje brood harden, rusteloozen arbeid moest verrichten, om enkelen te doen genieten die niets deden." Nog een bladzijde lang beschrijft Van Kol in schrille termen de ongemakken van het kapitalisme in de negentiende eeuw om alsvolgt te eindigen: "Zijn gezin, dat wel niet rijk is, doch door zijn arbeid in alle behoeften van het lichaam en den geest kan voorzien, waarvan elk lid zich een deel gevoelt van een vrij volk in een vrijen staat, - het luistert naar dit verhaal uit vroegeren tijd met verwondering en afgrijzen. En de vader voelt zich gelukkig, in deze beteren tijden geboren te zijn, waarin geen enkele wanklank van onverdiend lijden de harmonie van 't geheel verstoort; en terwijl de zon achter de kimmen verdwijnt, staat hij op, ontbloot het fiere hoofd, en herdenkt hen, die vroeger voor hem gestreden hebben; dan zegent, dan dankt hij ons, die er dan niet meer zullen zijn." (curs. in het origineel)

Met excuus voor de lange, typisch fraai-vankolse wat overdreven aandoende beschrijving. De zon verdwijnt niet achter de horizon, maar achter de kim, neen niet achter de kim, maar achter de kimmen. En dat blote hoofd, eerst met het ‘heilige’ zweet, en daarna het ontbloten van het fiere hoofd. Prachtig.

De tekst op het gedenkteken was onderwerp van gesprek bij de beraadslagingen van het partijbestuur (PB) van de SDAP. Die gesprekken waren nodig nadat het PB een brief ontvangen had van de heer H. Huges, werkzaam bij Van Heekeren en Co, die als executeur testamentair bericht dat Van Kol fl. 16.000,= aan de SDAP schonk op voorwaarde “qu’ environ un quart sera employé pour l’un ou l’autre monument ou institution commemorative en mon souvenir selon leur idee. Le reste a employer pour la propagande du socialisme international.’ (curs. in het origineel)
Het PB ging accoord met het legaat en de voorwaarden. Het geld komt snel op de rekening en het gedenkteken blijkt de al genoemde Van Kol Bank te zijn. Hoewel F. van der Wal, de beheerder van het Troelstra complex nog bezwaar maakte is al een jaar later het monument gereed. Het is ontworpen door de architect H.P. Berlage. Over de tekst lagen twee voorstellen in het PB, een van Henri Polak en een van Willem Vliegen. De eerste stelde voor: “Aan de nagedachtenis van H.H. van Kol geboren 23 Mei 1852 – gestorven 21 Augustus 1925. Sociaal-democratisch kampioen van het Europeesche en Aziatische proletariaat”. Vliegen kwam met deze tekst: “H.H. van Kol geboren 23 Mei 1852 – gestorven 21 Augustus 1925. Aan de nagedachtenis van hem, die meer dan 50 jaren in de gelederen der sociaal-demcoratie streed voor de onderdrukten en onterfden, blank en bruin, is deze plek gewijd.” De notulist noteert droog dat beide teksten naar Berlage gestuurd zullen worden ter advies. De practische Berlage heeft waarschijnlijk gedacht dat een vermelding van naam, geboorte- en sterfdata voldoende was. De bank was begroot op 1500 gulden. Alles bij elkaar (zand, ophoging tot een heuveltje en uitvoering) kwam het uit op fl. 4.000,=. .

De bank was niet het enige dat de SDAP met het geld van Van Kol voor ogen had. Met een ander kwart is een bibliotheekkamer van het Troelstra Oord ingericht. Waarschijnlijk in het kader van de internationale socialistische gedachte.

Naast de zestienduizend gulden ontving de partij eveneens tien kisten met boeken en enige persoonlijke zaken, die met de SDAP en zijn voorgangers te maken hadden. Dat alles is naar het Troelstra Oord gebracht vanuit Remouchamps via Den Haag. In Remouchamps had Van Kol een buiten laten bouwen en in Den Haag had hij een pied-à-terre voor zijn Kamerwerkzaamheden.

Wat er van de boeken en de persoonlijke spullen geworden is weten we niet. Het Troelstra Oord is in 1955 afgebrand en in de jaren zeventig overgedaan aan hotel keten Oase. Het is nu een Best Western Hotel.

De heuvel met de Henri Van Kol Bank is er ook niet meer. Eind van de jaren zestig was het geheel te bouwvallig geworden en heeft de beheerder van het terrein de resten van de bank afgevoerd. De fundamenten stonden er nog eind jaren tachtig toen ik er een bezoek kwam brengen.

Afmelden | Aanmelden