Marten Buschman

Volksbeweging rond Den Haag ??


Geloof het of niet: er is een heuse volksbeweging aan het ontstaan rond Den Haag. De  rest van Nederland heeft dat feit nog niet zo opgemerkt. Maar dat zal wel anders worden wanneer de eerste barricaden tussen de grenzen van Den Haag met Voorburg, Rijswijk, Leidschendam en Wateringen zullen gaan verrijzen.

Zal het zover komen? Niemand denkt daaraan, immers niet alleen Den Haag, maar tegenwoordig vooral de randgemeenten gelden als ambtenaren- en slaapsteden. En die zijn natuurlijk niet snel in verzet te krijgen. Maar toch....

Wat is er zo vreselijks aan de hand om deze volkswoede te rechtvaardigen. Eigenlijk niets bijzonders. Door het mislukken van de stadsprovincies heeft vooral Den Haag meer (financiŽle, bouwkundige en ruimtelijke) armslag nodig. In het verleden is dat altijd opgelost door gehele gemeenten te annexeren, zodat dorpen als Kethel, Osdorp, Schoten en Nieuwer-Amstel en zelfs gehele eilanden als Rozenburg van de landkaart verdwenen zijn.

Niets nieuws onder de zon. Ook de gemeente Den Haag heeft verschillende annexaties gekend met in 1923 als laatste die van Loosduinen. De Haagse stad is daardoor ruimtelijk zeer scheef getrokken doordat het centrum niet in het midden van het Haagse gebied ligt. Een poging om geheel Rijswijk en geheel Voorburg in te lijven dateert van het begin van de jaren dertig.

Wethouder Vrijenhoek wijzend op de kaart, die Klaas Voskuil in zijn handen heeft. Daarachter Willem Drees. Rechts van Voskuil H. Wiardi Beckmann.

Die was zo serieus dat wethouders, onder wie Machiel Vrijenhoek - de enige wethouder volkshuisvesting in Nederland naar wie een laan vernoemd is, waar geen huis aan ligt - en Willem Drees met de kaart in de hand in de poldermodder hun bouwplannen stonden in te denken.

Het is anders gelopen. Minister De Wilde van Binnenlandse Zaken beschikte negatief op basis van een rapport van de Haagse(!!) gemeentelijke topambtenaar Piet Bakker Schut. Deze becijferde dat grote steden en vooral Den Haag geen uitbreiding nodig hadden vanwege het dalende geboorteoverschot. En dat is typerend voor de haagse cultuur: de directeur van de Dienst Stadsontwikkeling rijdt zijn politieke bazen flink in de wielen.

'Ieder voor zich en god tegen allen', is het motto. Inwoners van het voormalige Loosduinen voelen zich nog steeds geen Hagenaar evenmin als de Scheveningers. En je kan Veurburgers niet erger beledigen door te zeggen dat ze typisch Haags spreken. Wat voor iemand uit Limburg, Friesland of Amsterdam natuurlijk zo is: de klemtonen liggen altijd anders en de R hoor je niet. Neen, 'Den Haag' leeft niet. In andere steden is het ondenkbaar dat Overijers, Overveners of Katendrechters zich niet verbonden voelen met de grote stad.

Het landje-pik van Vrijenhoek en Drees is niet doorgegaan. En dat is goed. Want anders hadden we nooit meer een volksbeweging in de Haagse agglomeratie meegemaakt.