Bert Hogenkamp

'Afdelingen der Federatie, opgelet!'
De film van het dertigjarig jubileum van de Landelijke Federatie van Bouwvakarbeiders


In Het Bouwvak van 25 februari 1939 stond een enigszins cryptische mededeling te lezen van J.H. Bosch, secretaris-penningmeester van de afdeling Amsterdam van de Landelijke Federatie van Bouwvakarbeiders. Met de aansporing 'opgelet!' richtte hij zich tot de afdelingen der Federatie: 'In de afgelopen week hebben de meesten uwer een circulaire ontvangen, mede door mij ondertekend. Deze handelt over bovenstaand onderwerp. Meer wil ik er niet van zeggen.' Gelukkig had de zetter er het kopje 'voor de film' aan toegevoegd, anders hadden alleen degenen die de circulaire gelezen hadden geweten waar Bosch het over had. Hij had de ondankbare taak om bij de afdelingen een bijdrage los te peuteren teneinde de financiering van 'de film' rond te krijgen. En dat dit hem niet gemakkelijk af ging bleek uit opmerkingen als: 'Laat ons nu eens met elkaar tonen, waartoe we in staat zijn.'

Henk en Mien Sneevliet bij de ingang van theater Bellevue te Amsterdam.

Des te opmerkelijker is het dat 'de film' waaraan Bosch refereerde, bewaard is gebleven! Hij bevindt zich nu in de kluizen van het Nederlands Audiovisueel Archief, waar hij midden jaren negentig is gedeponeerd door de dierenarts Van der Kamp uit Waalwijk. De film heeft als onderwerp de viering van het dertigjarig bestaan van de Landelijke Federatie van Bouwvakarbeiders in het Amsterdamse Bellevue op 5 februari 1939. Het is een 16mm productie zonder geluid die uit twee delen bestaat met een totale duur van 19 minuten (bij 16 beelden per seconde). Een echte titel ontbreekt. Maar omdat zowel de eerste als de tweede acte beginnen met dezelfde titelkaart: '1909-1939 1 Februari Het 30 jarig bestaan van de Landelijke Federatie van Bouwvakarbeiders', heeft hij de titel HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS gekregen. Naast de in Onvoltooid Verleden no.6 besproken Polygoon-productie LANDDAG NAS TE IJMUIDEN (1928), is het, voor zover bekend, de enig overgeleverde film van het NAS. In deze bijdrage zal ik niet alleen stilstaan bij de film zelf maar ook ingaan op het 'mediabeleid' van de revolutionair-socialistische arbeidersbeweging.

Traditie
Enkele dagen voor de Landelijke Federatie van Bouwvakarbeiders haar jubileum vierde, onderwierp de Centrale Commissie voor de Filmkeuring in Den Haag de film HOOGTEPUNTEN aan een keuring. Deze film was ingezonden door het NAS en bestond uit een compilatie van oudere filmopnamen. De film had een lengte van meer dan 25 minuten (bij 24 beelden per seconde). Allereerst waren de in 1928 door Polygoon in IJmuiden gemaakte opnamen te zien. Ze werden gevolgd beelden uit de zomer van 1929 van een Zomerkamp van het Vacantie Kinder Fonds te Huizen. Uit februari 1931 dateerde een reportage van het NAS congres van werkenden en werklozen in het Amsterdamse Carré met onder meer beelden van Henk Sneevliet en 'Ome Nelis' Kitsz. Een conflict in het Amsterdamse bouwbedrijf in de zomer van 1931 over een door de moderne en christelijke bonden afgesloten collectief contract was het onderwerp van het volgende item. Er waren beelden van het anti-Welter-Plan Congres en van de Twentse textielstaking in 1931-1932. HOOGTEPUNTEN eindigde met een reeks van opnamen waarin het eerder getoonde werd geactualiseerd. In tussentitels werd opgemerkt: 'Op de Hoogtepunten uit het verleden kunnen we niet blijven teren. Het zijn slechts de lessen waaruit de kracht geput moet worden voor nieuwe hoogtepunten want... onze taak is nog niet volbracht.' Er volgde een lange lijst met eisen van de beweging. Voor wie het nog niet begrepen had, maakte de film duidelijk dat het 'socialisme' het einddoel was.

De leden van de keuringscommissie waren van mening dat de film geschikt was 'voor alle leeftijden'. Maar ze vonden wel dat bepaalde woorden in de tussentitels alsmede een tweetal filmbeelden, alle betrekking hebbende op de Twentse textielstaking, verwijderd dienden te worden. Op verzoek van de commissie werden de volgende coupures in HOOGTEPUNTEN aangebracht:
'In titel De confessionele besturen staan aan de kant van de werkgevers. Natuurlijk. moet het woord 'Natuurlijk' vervallen.
Titel 52 "Onderkruipers zijn aangekomen. De knokploeg rukt uit." moet vervallen.
De titels 73 "De textielbaron woont 's zomers in dit landhuisje." en 74 "... en 's winters in dat 'villatje'" moeten vervallen met de beelden.
In titel "De arbeiders van de 'heren' wonen zomer en winter in 'paleizen' als dezen." moeten de woorden "van de 'heren'" vervallen.'

Eén van de sprekers loopt langs de filmlampen.

Hoewel er geen kopie van de film bewaard is gebleven (waarschijnlijk was er destijds maar één exemplaar in omloop), maakt HOOGTEPUNTEN duidelijk de film van de NAS Landdag uit 1928 geen incident was geweest en dat er wel degelijk sprake was van een traditie op filmgebied binnen de revolutionair-socialistische arbeidersbeweging. In HOOGTEPUNTEN ontbraken bovendien nog de opnamen die eind 1930 waren gemaakt door Jef Last, Bouma, Schouten en enkele leden van de Revolutionaire Jeugd Bond over 'de versjachering van de IJmuidensche visschersorganisatie aan de moderne vakbeweging'. Deze film was rond de Kerst van 1930 vertoond door de afdeling Amsterdam van de Vereeniging voor Volks Ontwikkeling (VVVO). Dit was een zogenaamde 'massa-organisatie', die net als de in 1928 door de CPH opgerichte Vereeniging voor Volks Cultuur (VVVC) tot doel had met een breed palet aan culturele activiteiten grotere groepen arbeiders aan het NAS en de Revolutionair Socialistische Partij (RSP) te binden. Met name de filmvoorstellingen van de VVVO waren bijzonder populair. Deze vonden meestal plaats op een zondagmorgen in een voor dat doel afgehuurde bioscoop. In Amsterdam waren de grote bioscopen als Tuschinski en Cinema Royal al geboekt door de VVVC of het sociaal-democratische Instituut voor Arbeiders Ontwikkeling (IVAO) en moest de VVVO genoegen nemen met kleinere filmtheaters zoals het Asta Theater aan de overkant van het IJ, maar in Rotterdam wist de vereniging een grote aanhang te verwerven. Dit betekende dat de Rotterdamse VVVO regelmatig twee bioscopen moest afhuren worden om alle belangstellenden een plaats te kunnen bieden.

Ab Menist kan lachen om het middagprogramma.

De afzonderlijke items in HOOGTEPUNTEN waren alle gemaakt om als 'bioscoopjournaal' in filmvoorstellingen van de VVVO vertoond te worden. Het waren deze journaals en de in het voorprogramma optredende, aan de beweging gelieerde artiesten als Jos Kop Jansen, die het specifieke politieke karakter van de voorstellingen bepaalden. Want de films die de VVVO voor haar filmochtenden afhuurde, konden weliswaar als 'progressief' betiteld worden, maar droegen geen specifieke RSP- of NAS-boodschap uit. Ze konden even goed door een sociaal-democratische of communistische organisatie worden vertoond - sterker nog, vaak waren ze al bij de VVVC of het IVAO te zien geweest.

De jubilerende Van Bleijenburgh met vrouw op de eerste rij; de koffiepot is een geschenk van de afdeling Groningen.

Media-specifiek
Over de totstandkoming van de journaals van de VVVO is verder weinig bekend. Zeker is dat Jef Last in de periode dat hij aan het NAS en de RSP verbonden was (eind 1929 tot november 1931), het maken van eigen filmopnamen heeft gestimuleerd. Uit de tijd dat hij als chauffeur/operateur aan de Filmdienst van de IVAO was verbonden, had hij bovendien veel contacten in de filmwereld overgehouden. Maar de opnamen van de Twentse textielstaking zijn gemaakt, toen Last de overstap naar de CPH al gemaakt. Dat het vervolgens tot het einde van de jaren dertig duurde voordat de draad werd weer opgepakt, heeft naast politieke oorzaken (de repressie na het neerslaan van de opstand op de 'Zeven Provinciën') ongetwijfeld ook media-specifieke redenen gehad.

Sneevliet spreekt over de toestand in Spanje.

Begin jaren dertig deed de geluidsfilm zijn intrede. Dit betekende in eerste instantie dat apparatuur voor stomme films gemakkelijk en goedkoop te verkrijgen was. Toen na verloop van tijd geluidsfilm de norm werd, beschikte de linkse beweging echter niet over de financiële armslag om de overstap naar de nieuwe technologie te maken. Daar kwam bij dat alle 35mm films, dus ook de VVVO-Journaals, het uiterst ontvlambare nitraatfilm als drager hadden. In september 1934 brak in Hilversum in een verenigingsgebouw brand uit, toen de film die twee missiepaters aan het vertonen waren vlam vatte. Er vielen drie doden en 23 mensen raakten zwaargewond, voor het merendeel kinderen. De Hilversumse filmbrand deed de roep om een veilig formaat toenemen.

Al in de jaren twintig had het Amerikaanse Kodak 16mm onontvlambare 'safety film' op de markt gebracht. Hoewel het beeldformaat ongeveer de helft van dat van 35mm film was en er dus sprake was van een aanzienlijk kwaliteitsverlies, had 16mm het voordeel dat het niet alleen veilig maar ook handzaam en goedkoop was. In het blad Links Front werd in 1933 een discussie gevoerd over de voors en tegens van 'smalfilm', zoals het 16mm formaat ook bekend stond. Jef Last toonde zich een tegenstander. Hij vergeleek 16mm met het smalspoor van de Haarlemse tram die in Amsterdam geen gebruik kon maken van de normale tramrails. Leden van het Arbeiders Film Collectief stelden daar een andere vergelijking tegenover: de stencilmachine (16mm) tegenover de drukpers (35mm). Met de leuze 'Normaalfilm als het kan, smalfilm als het moet!' eindigde hun bijdrage.

Het lijkt erop als of het NAS dit motto zes jaar later alsnog heeft overgenomen. HOOGTEPUNTEN was een normaalfilm (35mm), terwijl HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS op smalfilm was opgenomen. Beide films naakten deel uit van een soort 'media-offensief' dat het NAS en de RSAP begin 1939 ontketenden. Het meest spectaculaire onderdeel was ongetwijfeld de 'Rode Omroep', de illegale radio-uitzendingen die Rotterdamse RSAP-leden in april en mei 1939 verzorgden. De uitzendingen waarin onder meer de jodenvervolgingen in Duitsland aan de kaak werden gesteld wekten de irritatie van de autoriteiten. Na een hardnekkige jacht wisten de peilwagens van de Radio Controle Dienst de zender te lokaliseren. De apparatuur werd in beslag genomen en betrokken RSAP-ers gearresteerd. Maar na enige tijd ging een tweede zender de lucht en verzorgde nog enige uitzendingen. Zelfs door de RSAP georganiseerde vertoningen van door de Centrale Commissie voor de Filmkeuring goedgekeurde films werden zorgvuldig in de gaten gehouden. Zo leidde een filmvoorstelling in Noordwolde tot een uitgebreid rapport van de duidelijk verontruste chefveldwachter van de Gemeente Weststellingwerf. Daar was overigens niet HOOGTEPUNTEN, maar de hoofdfilm MASSA-JUSTITIE (FURY, 1936) schuld aan. In deze Hollywood-productie stelde de uit Hitler-Duitsland gevluchte regisseur Fritz Lang op pakkende wijze het Amerikaanse verschijnsel van lynch-justitie aan de kaak. Onbekend met de wijze waarop ondertitels werden aangebracht (nl. in de filmkopie gestanst) vroeg de Friese wetsdienaar zich af of deze niet door de RSAP veranderd waren en 'geschikt waren gemaakt voor het propagandadoel'. Want hij was duidelijk geschrokken van het feit dat de driehonderd aanwezigen 'door de film in een tamelijk actieve stemming kwamen', ook al gaf hij toe dat ze 'allen nogal revolutionair aangelegd' waren.

'de film'
Of de toeschouwers bij het zien van HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS ook 'in een tamelijk actieve stemming kwamen' is niet bekend. Zoals gezegd bestaat de film uit twee delen. Het eerste deel bestaat uit een reportage van de receptie die 's morgens in Bellevue werd gehouden. De hoofdpersoon is Wim van Blijenburgh, penningmeester van de Landelijke Federatie sinds haar oprichting. Eerst wordt getoond hoe de jubilaris en zijn vrouw in de Marnixstraat uit een taxi stappen. Bij het binnenkomen in de zaal wordt de 'Internationale' gezongen (dat blijkt uit een tussentitel). Vervolgens worden verschillende sprekers in beeld gebracht, die de Federatie in het algemeen en Van Blijenborgh in het bijzonder hun gelukwensen komen aanbieden. Bijzondere aandacht krijgt het overhandigen van geschenken, zoals een Groninger koffiepot met bijbehorende koek afkomstig van de afdeling Groningen. De aanwezigheid van de lampen voor de cameraploeg is in enkele shots duidelijk te zien. Opmerkelijk is dat de meeste niet door middel van een tussentitel worden geďntroduceerd. Blijkbaar werd er van uitgegaan dat zij bij de toeschouwers bekend waren.

Nog meer dan het eerste deel heeft het vervolg het karakter van een 'home movie'. Het heeft het middagprogramma tot onderwerp, de zgn. 'feestvergadering' die plaatsvond in een andere zaal van het Bellevue complex. Eerst worden beelden getoond van de toeloop op de Leidsekade. Bezoekers poseren buiten het gebouw lachend voor de camera, alsof het om een vakantiekiekje gaat. De zwarte portier van Bellevue verschijnt in beeld, evenals kopstukken uit de beweging (onder wie het echtpaar Sneevliet) die uit de richting van Hotel Américain komen aanlopen en het gebouw binnengaan. Hoewel de cameraploeg steeds slechts een gedeelte van de zaal of het podium van voldoende licht kon voorzien (in die tijd was 16mm filmmateriaal erg traag) geven de binnenopnamen toch een uniek beeld van de 'feestcultuur' in de revolutionair-socialistische beweging. Van Blijenborgh wordt nogmaals in het zonnetje gezet en spreekt een dankwoord. Vervolgens wordt er meegezongen met een koor, gelachen om teksten van Jos Kop Jansen en geluisterd naar de declamatie van Nel Oosterhout. De film eindigt met een toespraak van Henk Sneevliet over de toestand in Spanje, die (enige dagen voor de val van de Republiek) uiterst zorgelijk was.

Het is onbekend wie HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS heeft gemaakt. Qua techniek blijft de film beduidend onder het niveau dat door professionele productiemaatschappijen als acceptabel werd beschouwd. Mogelijk is hij gemaakt door dezelfde fotozaak (Foto De Haan te Hilversum), die ook de foto's van het jubileum verzorgde. In Het Bouwvak werd uitgelegd wat het bedoeling was dat zoveel mogelijk afdelingen van de Federatie de film lieten zien. De verwachtingen waren hooggespannen: 'Willen we bereiken dat velen, zeer velen, mee de handen uit de mouwen gaan steken, dan zal de film daartoe zeker kunnen bijdragen.' Speciaal werd opgemerkt: 'Ook de vrouwen moeten deze film zien en dus tot de vergaderingen uitgenodigd worden.' Dat een 'home movie' als HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS eigenlijk ongeschikt was voor vertoning aan niet-ingewijden (bouwvakkers die nog lid moesten worden, vrouwen), was iets waar het Federatiebestuur al snel achterkwam. Eind maart stond er tenminste in Het Bouwvak te lezen dat er plannen waren voor 'een propaganda-film, die ook in openbare vergaderingen kan worden gebruikt'. Op dat moment was daar al ¦ 125,- voor opgehaald. Ondanks deze hoopvolle start is de film, voor zover bekend, er nooit gekomen.

Resteert dus HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS. Deze film is ondanks alles een fraai document over de 'feestcultuur' van de beweging, met opnamen van vooraanstaande NAS- en RSAP-leden als Sneevliet, Menist, Roodveldt, Van Blijenburgh en anderen. Hij laat tevens zien dat de arbeidersbeweging wel degelijk pogingen heeft ondernomen om het medium film voor haar doeleinden te gebruiken.


Bronnen
HET 30 JARIG BESTAAN VAN DE LANDELIJKE FEDERATIE VAN BOUWVAKARBEIDERS (1939), film bewaard bij het NAA, archiefnos. 049KAMP001 en 049KAMP002.
Een videokopie is te raadplegen bij het Sneevliet Comité.

Het Bouwvak, januari-juni 1939.
Bert Hogenkamp, '"Hier met de film!" Het gebruik van het medium film door de communistische beweging in de jaren twintig en dertig', in: Bert Hogenkamp, Peter Mol (red.), Van beeld tot beeld. De films en televisieuitzendingen van de CPN, 1928-1986. Amsterdam 1993, pp.13-63.
Keuringsdossier G 235, HOOGTEPUNTEN, 27 januari 1939, in het archief van de Centrale Commissie voor de Filmkeuring, Algemeen Rijksarchief, 's Gravenhage.
Nieko van de Pavert, Jef Last tussen de partij en zichzelf. Nijmegen 1982.
Projektgroep 'literatuursociologie' 1, Links Richten tussen partij en arbeidersstrijd. Materiaal voor een teorie over de verhouding tussen literatuur en arbeidersstrijd, Nijmegen 1975.
Rood Rotterdam in de jaren '30, Rotterdam 1984.
Dick de Winter, '"Heel Rotterdam kon het horen!" De illegale Rode Omroep van de RSAP, 1939', in: Tijdschrift voor Mediageschiedenis, jaargang 2, nummer 1, juni 1999, pp.89-99.